Scheelzien betekent dat de ogen niet recht op hetzelfde punt gericht staan. Eén oog kijkt recht vooruit, terwijl het andere oog afwijkt naar binnen, naar buiten, omhoog of omlaag. Scheelzien kan voortdurend aanwezig zijn of alleen af en toe optreden. Het komt voor bij zowel kinderen als volwassenen en kan daardoor invloed hebben op het zien en het dagelijks functioneren.
Wat is scheelzien?
Wanneer de ogen goed samenwerken, kijken ze naar hetzelfde punt en sturen ze één beeld naar de hersenen. Bij scheelzien lukt dit niet. De hersenen ontvangen verschillende beelden, wat kan leiden tot problemen.
Bij jonge kinderen onderdrukken de hersenen vaak het beeld van het schele oog om dubbelzien te voorkomen. Hierdoor kan het zicht van dat oog zich minder goed ontwikkelen en ontstaat er soms een lui oog. Bij volwassenen lukt onderdrukken meestal niet meer, waardoor scheelzien vaak gepaard gaat met dubbelzien.
Hoe ontstaat scheelzien?
Scheelzien kan verschillende oorzaken hebben. Het kan aangeboren zijn of ontstaan in de eerste levensjaren. Daarnaast kan een brilafwijking, zoals verziendheid, een rol spelen. Door extra inspanning bij het scherpstellen kunnen de ogen naar binnen gaan staan.
Verder kan scheelzien ontstaan door problemen in de samenwerking van de oogspieren of de aansturing ervan. Bij volwassenen ontstaat scheelzien soms later, bijvoorbeeld na een ongeval, ziekte of operatie.
Hoe merkt u scheelzien?
Scheelzien is soms duidelijk zichtbaar, maar kan ook subtiel zijn. Mogelijke signalen zijn:
- één oog dat afwijkt
- afwisselend scheel kijken
- hoofdpijn of vermoeidheid
- moeite met diepte zien
- dubbelzien (vooral bij volwassenen)
Bij twijfel is onderzoek door de orthoptist altijd zinvol.
Onderzoek door de orthoptist
De orthoptist onderzoekt de oogstand, de beweeglijkheid van de ogen, de gezichtsscherpte en de samenwerking tussen de ogen. Daarnaast kijkt de orthoptist bij kinderen gericht of er sprake is van een lui oog of een brilafwijking. Indien nodig worden de ogen gedruppeld, zodat de sterkte nauwkeurig kan worden gemeten.
Behandeling van scheelzien
De behandeling van scheelzien hangt af van de oorzaak, de leeftijd en de klachten.
-
Bril
Een bril kan nodig zijn wanneer een brilafwijking bijdraagt aan het scheelzien. Hierdoor hoeven de ogen minder hard te werken en kan de oogstand verbeteren.
-
Afplaktherapie
Bij kinderen zetten we soms afplaktherapie in om een lui oog te behandelen of te voorkomen. Op die manier stimuleren we het zwakkere oog om actiever mee te doen.
-
Oefeningen
In sommige situaties helpen oefeningen om de samenwerking van de ogen te verbeteren. Dit is vooral zinvol wanneer de oogstand wisselend is.
-
Oogoperatie
Wanneer andere behandelingen onvoldoende effect hebben, kan een oogspieroperatie worden overwogen.
Wanneer naar de orthoptist?
U kunt een afspraak maken bij de orthoptist wanneer:
- er twijfel is over de oogstand
- er klachten zijn zoals hoofdpijn of dubbelzien
- scheelzien plotseling is ontstaan
Bij Kijk Es kijken we samen naar wat nodig is voor comfortabel en goed zien.